CONTACTGEGEVENS

SAMENWERKINGEN

Handtherapie Nederland

Wallesteinlaan 45
3554 HM Utrecht

T. (030) 254 70 90

info@handtherapie.nl

Wilt u een klacht melden?

1/5

KEURMERKEN

1/4

SOCIAL

  • LinkedIN Handtherapie Nederrland
  • Youtube Handtherapie Nederland
  • Facebook Handtherapie Nederrland

© Handtherapie Nederland 2019 | Privacy & cookie verklaring

Handtherapie Nederland is een Equipe Zorgbedrijf

logo-equipe-white.png

Volairplaat reïnsertie

INFORMATIE OVER DE BEHANDELING

Volairplaat reïnsertie

De volaire plaat is een kapsel van stevig bindweefsel dat zich aan de palmzijde van de hand- en vingergewrichten bevindt. Wanneer u iets vast wilt pakken tussen uw vinger en uw duim (sleutelgreep of pincetgreep) komt er een forse belasting op de volaire plaat. Als deze plaat eerder gescheurd of verzwikt is bij een val, kan het gewricht instabiel worden. U kunt de vingers of duim dan te ver achteroverbuigen, wat pijnklachten kan geven. Het kan ook lastig zijn, omdat sommige mensen soms dingen in een reflex laten vallen.

 

De volaire plaat kan weer op zijn plek gezet worden tijdens een operatie. Na deze reparatie rekt de volaire plaat altijd weer een beetje uit. Dat wil zeggen dat het aanvankelijk iets te strak moet staan. Het is dus normaal dat u uw vinger of duim na de operatie niet helemaal kunt strekken. Na een jaar is de volaire plaat weer wat uitgerekt en kan de duim of vinger meestal voldoende gestrekt worden.

 

Handtherapie

Voor de operatie wordt de beweeglijkheid en kracht van uw hand gemeten, zodat we na de operatie goed weten waar we tijdens de revalidatie extra aandacht aan moeten schenken.

 

Na een volairplaat reïnsertie volgt een intensief traject van handtherapie. Om het gewricht weer stevig te laten worden, is een langdurig gips en/of spalkbehandeling nodig. Bij de duim krijgt u drie tot vier weken gips, en soms wordt er ook tijdelijk een metalen pinnetje (K-draad) door het gewricht gebracht. Bij operatie van een vinger krijgt u een extensieblokkerende spalk. Deze spalk moet u in totaal vier tot zes weken dragen. De spalk houdt de strekking voor een deel tegen, maar laat buiging van de geopereerde vinger toe. Dat is ook heel belangrijk want de buigpezen moeten direct na de operatie goed door het littekengebied geoefend worden. De fysiotherapeut zal u daarbij helpen. Door vroeg met oefenen te starten proberen we verklevingen van pezen en stijfheid van het geopereerde gewricht zoveel mogelijk te voorkomen. We beginnen met onbelaste actieve oefentherapie. Belangrijk: de oefeningen moeten zeer consequent worden uitgevoerd en het litteken moet regelmatig gemasseerd worden om verklevingen te voorkomen! Zo nodig gebruikt de fysiotherapeut mobiliserende handgrepen om het gewricht goed beweeglijk te krijgen. Er worden krachtoefeningen gedaan om de hand weer sterk te maken. Langzaamaan leert u uw vinger opnieuw functioneel te gebruiken.

 

De metingen die voor de operatie gedaan zijn, worden herhaald na drie maanden, na zes maanden en na een jaar. Op deze manier krijgen we een goede indruk van uw herstel.